Iedere bevalling is anders. Mijn twee oudste zoontjes zijn thuis geboren, heel relaxt en rustig (voor zover een bevalling relaxt is) en toch hadden beide bevallingen hun eigen leuke, grappige en ja, ook pijnlijke momenten.

Deze bevalling is totaal anders. Allereerst is het mijn eerste ziekenhuis bevalling en lig ik al twee dagen opgenomen, met de gedachte dat ik hier nog minstens vier weken moet liggen. Maar om half 3 ’s nachts krijg ik spontaan weeën. Een verpleegkundige komt controleren en merkt nog geen ontsluiting op. Toch blijven ze om de 3 a 5 minuten komen. En hoewel ik deze weeën maar al te goed herken, heb ik geen idee welke kant het opgaat. Tegen half 5 app ik mijn man. Maar die slaapt uiteraard nog. Ook mijn moeder app ik. Ik weet dat mijn ouders een dagje weggaan. ‘Moeten we komen?’. Aangezien ik niet het idee heb dat het opschiet, zeg ik dat ze lekker weg moeten gaan.

Rond half 8 bel ik mijn man wakker. Die is lichtelijk in paniek, omdat de jongens ergens ondergebracht moeten worden. Tegen half 11 staat hij naast mijn bed. Precies het moment waarop ze mij eindelijk serieus namen en geloofden dat ik weeën had. Ik heb nu immers 3 cm ontsluiting. Vanaf half 3 lig ik al aan het ctg, maar deze laat geen weeën activiteit zien.

Ruggenprik
Aangezien de vorige bevalling van wee tot geboorte maar 3 uur duurde, is dit een ellenlange, vermoeiende dag. Ik kan nauwelijks bewegen door de bekkenpijn en het ctg, en de ontsluiting gaat zeer langzaam.  Rond 13.00 word ik naar een verloskamer gebracht. Een superlieve verpleegster staat ons te hulp. Het is een mooie grote, rustige kamer. Maar ik verga van de pijn en het sukkelt maar door. De verpleegster geeft aan dat ik best om een ruggenprik mag vragen. Hier ben ik altijd op tegen geweest, eigenlijk tegen ieder medicijn, maar ik houd het niet meer vol. Ik heb het gevoel dat mijn bekken aan het breken zijn en het mijn dochter te langzaam gaat. Er is helemaal geen vruchtwater meer, en dat baart mij zorgen. Ik besluit een ruggenprik te nemen. Twee verdovingen en zes pogingen van helse pijn later is het dan gezet. Op dat moment komen ook mijn ouders binnen. Ze wilden ons toch niet alleen laten. Ik was echt blij. Ook voor mijn man, die even een bakje koffie kon pakken zonder bang te zijn om mij ‘achter te laten’.

Eindelijk komt de gynaecoloog en geeft aan dat ze over een uur de vliezen ging breken. Ik denk  ‘er is geen vruchtwater meer, maar ok’. Volgens haar kan het niet zo zijn dat er geen enkel vruchtwater meer was. Ondertussen is ook mijn zusje op de hoogte gebracht van mijn aankomende bevalling en ook zij wil erbij zijn. Ze is bijna in Nijmegen als de gynaecoloog komt om de vliezen te breken. Ik vraag haar nog even te wachten op mijn zusje. Ik denk, die 10 minuten kunnen nu ook nog wel na zo’n lange dag. In het kamertje ernaast, zo wist ik al, stonden verpleegsters en een kinderarts te wachten om haar te onderzoeken na haar geboorte. Ik dacht van te voren dat ik dat vervelend of eng zou vinden, maar ik ben er helemaal niet mee bezig. Het is gewoon zo.

Daar is ze
Eindelijk staat mijn zusje naast mijn bed, samen met mijn man en moeder. Zoals voorspelt valt er niks door te prikken. De ruggenprik had ervoor gezorgd dat ik geen enkele wee meer voelde, dus moest ik gaan persen op wat zij op het ctg zagen. Op goed geluk dus. Na een paar keer persen komt onze kleine meid ter wereld, verstopt onder groenig slijm. Ik mag haar vasthouden en we kijken elkaar aan. Ze kijkt mij doodstil aan terwijl ik iemand hoor zeggen ‘oh ze stopt met ademen. Ze wordt nu ook wel blauw’. Terwijl we elkaar aankijken denk ik ‘kijk ik nu naar een dood kind? Is ze nu dan dood?’

Mijn man heeft ineens een schaar in zijn handen om de navelstreng door te knippen. En toch lijkt alles heel rustig te verlopen. De navelstreng wordt doorgeknipt, Rhune wordt mee naar het kamertje genomen, mijn man gaat met haar mee, en ik lig te wachten op de placenta.